|
Dossier: Etiketbieren en het ideale etiket
Het ideale etiket
België kent vele biersoorten. Daar zijn we heel
gelukkig mee. Haast elk biertje presenteert zich met zijn eigen etiket.
Helaas is het ene etiket qua informatie al poverder dan het andere. Het
lijkt wel of de info op het etiket omgekeerd evenredig is met de hoeveelheid
bieren in ons land. Daar zijn we niet gelukkig mee.
De wetgever lijkt zich daaraan niet te storen. Hij
stelt slechts minimale eisen aan wat op een etiket dient vermeld te worden.
Als consumentenorganisatie willen wij meer. In het midden van de jaren
'90 werd door De Objectieve Bierproevers een ideaal bieretiket ontworpen.
Op dit etiket werden alle gegevens die wij als verbruiker willen kennen
over het bier dat we drinken bijeengebracht. Zythos ondersteunt nog steeds
deze eisen en heeft daarom dit ideale etiket overgenomen.
Het komt er vooral op aan dat de gegevens op het etiket
informatief en ondubbelzinnig zijn. Aan inhoudsloze marketingpraat heeft
de consument niets. Bijvoorbeeld: een brouwer die op zijn etiketten schrijft
dat het bier "gebrouwen is met het zuiverste water, de fijnste mouten
en de edelste hoppen" vertelt kletspraat en geeft hiermee zeker geen
ingrediëntendeclaratie. We gaan er namelijk a priori van uit dat
hij geen bier brouwt met rioolwater, beschimmelde mouten en rotte hoppen!
Hieronder geven we alle elementen weer, die volgens
ons niet op een bieretiket mogen ontbreken.
1. Eisen in verband met het product
Wettelijke eisen : deze zijn opgenomen in het Koninklijk
Besluit van 13 september 1999 betreffende de etikettering van voorverpakte
voedingsmiddelen, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 29 oktober
1999.
- De verkoopbenaming. Deze benaming wordt geregeld
in art. 4 van het Koninklijk Besluit van 31 maart 1993 betreffende bier,
gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 4 juni 1993. Volgende benamingen
dienen gebruikt te worden :
a) "Bier", al dan niet vergezeld van een woord dat de soort
aangeeft, voor de bieren met een extractgehalte van de stamwort, uitgedrukt
in graden Plato, hoger dan 4. Dit zijn de bieren van de categoriën
I, II en S.
b) "Tafelbier", voor de bieren met extractgehalte tussen 1
en 4. Dit zijn de bieren van de categorie III.
c) "Alcoholarm bier" of "Laag alcoholisch bier",
voor de bieren met een extractgehalte van tenminste 2,2° Plato en
een alcoholgehalte van meer dan 0,5 vol.% en ten hoogste 1,2 vol.%.
d) "Alcoholvrij bier", voor de bieren met een extractgehalte
van tenminste 2,2° Plato en een alcoholgehalte van ten hoogste 0,5
vol.%.
e) "Geuze", "Lambik" of "Geuze-lambik",
voor de zure bieren waarin spontane gisting deel uitmaakt van het productieproces.
Onder zuur bier wordt verstaan het bier met een totale zuurtegraad van
tenminste 30 milli-equivalenten NaOH per liter en een gehalte aan vluchtige
zuren van tenminste 2 milli-equivalenten NaOH per liter. In zure bieren
van spontane gisting moet tenminste 30 % van het totale gewicht van
de verwerkte zetmeel- of suikerhoudende grondstoffen uit tarwe bestaan.
Ingevolge de Europese regelgeving mag de benaming "Oude geuze"
gebruikt worden voor de zure bieren waarvan het gistingsproces voor
100 % op spontane wijze gebeurt.
Bovendien dient in de verkoopbenaming ook gespecificeerd:
a) Indien vruchten of vruchtensappen worden gebruikt voor het aromatiseren
van het bier, maakt de naam van de vrucht(en) deel uit van de verkoopbenaming.
Ingevolge de Europese regelgeving mag voor de bieren van 100 % spontane
gisting, waaraan krieken werden toegevoegd, de benaming "Oude kriek"
gebruikt worden.
b) Indien een aroma (aroma's) wordt (worden) gebruikt voor het aromatiseren
van het bier, maakt het woord "gearomatiseerd" of de naam
van het aroma (de aroma's) deel uit van de verkoopbenaming.
c) Voor de bieren die zoetstoffen bevatten, moet de etikettering de
vermelding "gezoet met
[specifieke naam van de zoetstof]"
dragen. Deze vermelding moet worden aangebracht in hetzelfde gezichtveld
als de verkoopbenaming.
- Het alcoholgehalte. De vermelding is wettelijk
verplicht voor de bieren met een alcohol-gehalte van meer dan 1,2 vol.%.
Het moet uitgedrukt worden in volumeprocenten alcohol en het cijfer
mag slechts één decimaal na de komma bevatten. Onze vereniging
wenst een vermelding van het alcoholgehalte op alle bieren, ongeachte
de sterkte.
- De nettohoeveelheid. Deze wordt uitgedrukt in
liters, centiliters of milliliters. Ze is vooraf-gegaan door het symbool
"e" indien de producent de nettohoeveelheid niet zeer nauwkeurig
kan doseren.
Wettelijke eisen die door onze vereniging niet gesteund worden:
De wetgeving op de etikettering stelt ook nog enkele
eisen die naar onze mening niet in het belang van de consument zijn
en die daarom niet door ons gesteund worden:
a) De vermelding van een datum van minimale houdbaarheid: onze vereniging
is er voorstander van deze te vervangen door de botteldatum. Zie hieronder.
b) Het verbod om het extractgehalte van de stamwort te vermelden. Onze
vereniging is van mening dat elke bijkomende informatie die nuttig is
voor de consument moet kunnen vermeld worden, op voorwaarde dat de vermelding
duidelijk is en niet voor verwarring kan zorgen. Inzake stamwortgehalte
volstaat bijvoorbeeld de aanduiding "12°" niet, maar dient
duidelijk gespecificeerd te worden "stamwortgehalte 12° Plato"
Bijkomende eisen die door onze vereniging gesteld worden:
a) De botteldatum. Het principe is dat de verbruiker
zich een oordeel moet kunnen vormen over de ouderdom van het bier dat
hij drinkt. Een datum van minimale houdbaarheid, waarbij niet bekend
is welke houdbaarheidstermijn de brouwer hanteert, zegt daaromtrent
niets. Mogelijkheden om de botteldatum weer te geven (in volgorde van
de voorkeur van onze vereniging):
- de echte botteldatum zelf (dag, maand, jaar)
- de botteldatum in functie van de datum van minimale houdbaarheid,
indien de brouwer aan deze wettelijke eis wil voldoen. De vermelding
"gebotteld x tijd voor de aangege-ven datum van minimale houdbaarheid"
verschaft hier duidelijkheid.
- Het lotnummer van het brouwsel, indien de consument uit de formulering
daarvan de ouderdom van het bier kan afleiden.
b) De ingrediëntendeclaratie. De wetgeving
op de etikettering vermeldt specifiek dat de lijst van ingrediënten
niet vereist is voor dranken met een alcoholgehalte hoger dan 1,2 vol.%
(in principe is deze lijst dus wél verplicht op de etiketten
van alcoholvrije en alcoholarme bieren en tafelbieren met een alcoholgehalte
beneden de 1,2 vol.% !). Onze vereniging is van oordeel dat er geen
enkele grond is om deze uitzondering op de regels te maken voor bier.
De infor-matie over hetgeen er in het bier verwerkt wordt is precies
een essentieel gegeven voor de consument. Indien een ingrediëntendeclaratie
al een wettelijke vereiste is voor dierenvoeding, waarom zou de mens
dan niet mogen weten wat er in de drank zit die hij consumeert? Onze
vereniging eist daarom dat een volledige ingrediëntendeclaratie
op het etiket wél verplicht wordt. Deze declaratie omvat:
- water: eventueel met specificatie "bronwater", "leidingwater"
of "water behandeld met
";
- graansoorten en zetmeelbronnen: eventueel met specificatie "gemout"
of "ongemout" en aanduiding van de gebruikte moutsoorten (eventueel
met weergave van de EBC-waarde);
- hopsoorten, met aanduiding van de gebruikte vorm (hopbellen, pellets,
extracten);
- gist, eventueel met aanduiding van de gebruikte soort en vorm (korrelgist);
- kruiden, bij voorkeur met specificatie van de gebruikte kruiden;
- andere toevoegingen: suikers, additieven, aroma's, vruchten, vruchtextracten,
vruchtensappen; de additieven mogen weergegeven worden met hun E-nummer
of met hun werkelijke naam;
De aanduiding van het aandeel van een ingrediënt
(in %) geniet onze voorkeur.
c) De smaakevolutie. De behandeling van het bier
tijdens de fabricatie heeft grote invloed op zijn uiteindelijke smaak
en de wijze waarop het zich ontwikkelt na de afvulling. Daarom is voor
onze vereniging volgende informatie van groot belang voor de consument:
- de gistingswijze (hoge, lage, spontane)
- de vermelding "gefilterd" of "ongefilterd";
- de vermelding "gepasteuriseerd" of "niet gepasteuriseerd";
- de vermelding, in voorkomend geval, van "met hergisting op fles";
- de vermelding, bij hergiste bieren, van "met smaakevolutie",
bij voorkeur met smaakbeschrijving en specificatie van de richting waarin
het bier evolueert.
d) De biersoort en de kleur.
De biersoort duidt het type aan; pils, oud bruin, witbier, tripel, amberbier,
scotch, stout, geuze
e) Schenkadvies. De wijze waarop een bier ingeschonken
en geserveerd wordt is medebepalend voor de smaakervaring van de consument.
Dit omvat:
- wijze van inschenken (voorzichtig, klokkend, met of zonder gistdepot);
- temperatuur waarop het bier bij voorkeur moet geserveerd worden;
- glas waarin het bier moet geserveerd worden.
f) Bewaaradvies
- Plaats (donker
);
- Temperatuur (koel, kamertemperatuur
);
- Wijze (staand, liggend).
2. Eisen in verband met de producent
Wettelijke eisen: de wetgeving op de etikettering
vereist enkel
- de naam of handelsnaam en het adres van de fabrikant
of de verpakker of van een in de Europese Gemeenschap gevestigde verkoper.
Dit is voor onze vereniging veel te vaag. Zie hieronder.
- de plaats van oorsprong of herkomst indien het weglaten daarvan de
verbruiker zou kunnen misleiden in verband met de werkelijke oorsprong
of herkomst van het voedingsmiddel. Deze wettelijke eis wordt door onze
vereniging gesteund op twee vlakken:
a) Belgische brouwerijen die hun bier geheel of gedeeltelijk laten produceren
door een buitenlandse brouwerij en dit daarna op de Belgische markt
verkopen. Hier dient voor ons de buitenlandse herkomst duidelijk aangegeven
te worden, bijvoorbeeld door de vermelding "gebrouwen door
[naam brouwerij, plaats, land] in opdracht van
[naam en plaats
van de Belgische brouwerij]"
b) Belgische distributeurs of warenhuizen die op de Belgische markt
en onder hun eigen merknaam een bier verspreiden dat in werkelijkheid
in het buitenland gebrouwen wordt (bijvoorbeeld: Delhaize Premium Pils,
die in werkelijkheid gebrouwen wordt in Diekirch in het Groothertogdom
Luxemburg)
Bijkomende eisen die door onze vereniging gesteld worden:
a) Vermelding van de werkelijke fabrikant. Voor
de consument is niet de distributeur, de merkhouder of de opdrachtgever
van primordiaal belang, maar wel de plaats waar het bier dat hij drinkt
werkelijk gebrouwen wordt. Daarom vindt onze vereniging het wenselijk
dat op het etiket vermeld staat:
- de naam (en bij voorkeur ook adres, telefoon en andere contactgegevens)
van de werkelijke brouwer;
- indien het brouwen van de wort en/of de vergisting en lagering en/of
de afvulling van het bier niet op dezelfde plaats gebeuren, dient apart
aangegeven waar elk van deze productiefasen plaatshebben;
- naast deze gegevens mogen desgevallend ook de distributeur, merkhouder
of opdrachtgever aangeduid worden.
b) Vermelding van de werkelijke oorsprong van een
bier.
Indien een bepaald bier onder meer dan één naam wordt
aangeboden en verkocht (etiketbier), dient op de etiketten van de afgeleide
biernamen de naam van het moederbrouwsel vermeld te worden. Onze vereniging
begrijpt de economische en/of financiële redenen die sommige brouwerijen
aanhalen om de productie van etiketbieren te rechtvaardigen, maar vindt
deze geen voldoende grond om de consument niet correct te informeren
over de werkelijke herkomst van het bier dat hij drinkt.
3. Eisen in verband met het milieu
Onze vereniging steunt de wettelijke eisen.
a) Vermelding, indien van toepassing, van "gewaarborgd
leeggoed", bij voorkeur met ver-melding van het te betalen statiegeld;
b) Vermelding, indien van toepassing, van "verloren verpakking";
c) Gebruik van het recyclagesymbool;
d) Vermelding, indien van toepassing, van gebruikte biologische grondstoffen,
en, indien
toegelaten, van de garantielabels "Biogarantie" of "Ecocert"
4. Eisen inzake gezondheid
De wetgeving op de etikettering voorziet voor bier
geen bijzondere vermeldingen. Onze vereniging is voorstander van volgende
aanduidingen:
a) Voedingswaardedeclaratie: aantal calorieën
per volumeëenheid
b) Verbruikersadvies: een positief advies ("Drink met mate")
of een waarschuwing voor de
gezondheidsrisico's bij alcoholmisbruik

|