Home   Contact Us
GEUZE/LAMBIK/KRIEK IDEALE ETIKET TRAPPIST OUD BRUIN

Dossiers

Deze dossiers zijn informatiepunten omtrent een aantal van de strijdpunten van Zythos. Uiteindelijk gaat het Zythos erom de consument juist te informeren omtrent bierzaken.

 

Dossier Geuze
Acties
Zytholoog Archief
Links



 

 

 

 

Het Geuze / Lambik / Kriek - archief van De Zytholoog

NIEUWE AANVAL OP ONZE AUTHENTIEKE LAMBIKBROUWERIJEN?

“Toch mogen we onze aandacht niet laten verslappen en moeten we de zaak nauwlettend blijven volgen”, schreef Fons Minne in zijn artikel over onze actie ‘houten vaten’ elders in dit nummer. Hoe waar deze uitspraak is, bleek nog maar eens net toen we dit nummer van De Zytholoog redactioneel wilden afsluiten.

Op 5 december – daags voor de redactieraad – ontvingen we immers een persbericht van volksvertegenwoordiger Sven Gatz met wel zeer alarmerend nieuws, waaruit moest blijken dat de toekomst van de geuze en de lambik aan een zijden draadje hing. In zijn persbericht stelde Gatz immers het volgende:

“Het antwoord van Demotte in de pers was dat Belgische Geuze al gered is, omdat hij het gebruik van eikenhouten vaten zou toestaan. Gatz echter vreesde dat dit niet genoeg was: het gebruik van de tonnen is immers slechts één facet in het traditionele brouwen van lambik en soortgelijke bieren. De inrichting van de brouwerij, het koelen van de wort in de open lucht en dergelijke zijn andere – noodzakelijke – elementen die het brouwen met wilde gisten mogelijk maken.
Vandaag blijkt dat zich op dat vlak inderdaad ernstige problemen stellen, en dat de gevolgen stilaan alarmerend worden. Lambikbrouwer De Troch uit Wambeek moest op bevel van het Federaal Agentschap voor Voedselveiligheid haar productie stopzetten. De vergunning van de brouwer werd ingetrokken. Brouwerij Timmermans uit Itterbeek hangt hetzelfde vonnis boven het hoofd. Andere lambikbrouwers blijven voorlopig buiten schot, niet omdat ze aan de strikte hygiënische normen zouden voldoen, maar omdat de hernieuwing van hun vergunning vandaag nog niet onderzocht werd. Voor lambikbrouwer De Troch dreigt in ieder geval het failliet indien er niet snel een oplossing komt. Het einde van De Troch betekent het failliet van de authentieke geuze.

Deze brouwerijen hebben een aantal nodige aanpassingen al uitgevoerd. Zij moeten echter trouw blijven aan de tradities: Lambik heeft “bacteriën” nodig, anders is het geen lambik. Daardoor is het voor hen onmogelijk hun beroep verder te zetten en de nieuwe regelingen na te komen. Bovendien blijkt de hele erkenning nog gepaard te gaan met ambtelijke willekeur, zodat bijvoorbeeld wel houten vaten mogen gebruikt worden in het brouwproces, maar deze niet op de daarbij horende houten balken mogen rusten …
De stelling van Demotte bewijst dat hij van bierbrouwen geen kaas gegeten heeft. Onze geuze is wel degelijk in gevaar. Demotte moet nu handelen en de nodige afwijkingen aanvragen op de opgelegde Europese normen, wil hij de ondergang van deze cultuurhistorische en culinaire Belgische parel afwenden. De Fransen hebben zo hun Camembert al gered. België mist blijkbaar eens te meer het broodnodige chauvinisme en trots op haar eigen parels. Demotte kan en moet de geuze redden!”

Belgische Brouwers

Gealarmeerd door dit persbericht contacteerden we onmiddellijk de confederatie der Belgische Brouwers, om te horen wat er precies aan de hand was en hoe de beroepsvereniging hierop zou reageren. Jan De Brabanter, directeur externe relaties van de BB, stuurde ons een mail met volgende inhoud:

“In verband met het persbericht van Sven Gatz: ik heb er met brouwerij De Troch en met Sven Gatz zelf over gesproken. De problematiek is natuurlijk ernstig genoeg maar de berichtgeving over de intrekking van de brouwvergunning is minstens voorbarig. Ook brouwerij De Troch kan u bevestigen dat de productie niet moet stopgezet worden en dat er geen intrekking is van de vergunning.

De strenge controles vanwege de voedingsinspecteurs, specifiek bij geuzebrouwerijen is natuurlijk wel aanleiding voor enige ongerustheid, maar de federatie bespreekt die aspecten nu met de bevoegde kabinetten en de administratie en waakt er over dat de geuzebrouwerijen bespaard worden van maatregelen die de specificiteit van het geuzebrouwen in gevaar zou brengen. De onduidelijkheid die er bestond over het gebruik van houten vaten is - zoals u weet - inmiddels uitgeklaard: houten vaten mogen in de productie

De berichten hierover in de algemene pers zijn natuurlijk wel nuttig om de bewustwording van de problematiek kracht bij te zetten, maar kunnen ook aanleiding geven tot een negatieve berichtgeving bij een breder publiek die geuze gaan associëren met onhygiënische praktijken in de productie. Dat moeten wij vermijden, vandaar dat prioriteit moet gegeven worden aan overleg tussen de instanties en de brouwerijen opdat de wettelijke normen kunnen worden nageleefd, met respect voor de traditionele brouwmethodes en de economische draagkracht van de familiale of kmo-bedrijven.”

Verordening

In de hele discussie is er al geregeld sprake geweest van een “Europese verordening” en van “uitzonderingsmaatregelen”. Waarover gaat het eigenlijk?

Het document dat zoveel heisa veroorzaakt is de “Verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake levensmiddelenhygiëne”, waarvan de oorsprong teruggaat tot besprekingen die in juli 2000 van start gingen en waarvan de definitieve goedkeuring en toepassing binnenkort verwacht wordt. Aangezien de brouwers worden gezien als “exploitant van een levensmiddelenbedrijf” is deze verordening op hen van toepassing. Onder levensmiddelenhygiëne verstaat de verordening:
“De maatregelen en voorschriften die nodig zijn in verband met de aan een levensmiddel verbonden gevaren en uit een oogpunt van de geschiktheid van een levensmiddel voor menselijke consumptie, met inachtneming van het doel waarvoor en de wijze waarop het zal worden gebruikt” (art. 2, a).
Sorry voor de ambtelijke taal, maar zo staat het er!

De verordening stelt verder dat indien een ‘inrichting’ – in ons geval dus een brouwerij – een erkenning nodig heeft, deze ‘inrichting’ niet mag geëxploiteerd worden zonder deze erkenning. En deze erkenning verkrijgt men “nadat bij een inspectie ter plaatse van de inrichting is gebleken dat aan de eisen op infrastructuur- en bedrijfstechnisch gebied is voldaan en alle onderdelen van de hygiëne zijn onderzocht en in overeenstemming zijn met de desbetreffende voorschriften van deze verordening”(art. 8, 3°).

Die eisen en voorschriften zijn zeer uitgebreid, gedetailleerd en complex. Ze houden onder meer de toepassing in van het HACCP-systeem (Hazard Analysis and Critical Control Points) (art. 5, 1°) en van de algemene hygiënevoorschriften die voorzien zijn in Bijlage 2 van de verordening. Zonder op alle details te willen ingaan, kunnen we stellen dat het knelpunt voor onze lambikbrouwers vooral ligt in hoofdstuk II (Specifieke voorschriften in ruimten waar levensmiddelen worden bereid, behandeld of verwerkt) en hoofdstuk V (Voorschriften inzake de uitrusting) van deze Bijlage. Daarin wordt gesteld dat alle ‘oppervlakken’ (vloeren, deuren, muren…) “moeten goed worden onderhouden en moeten gemakkelijk worden schoongemaakt en, indien nodig, ontsmet”. Dit is uiteraard logisch en vanzelfsprekend en stelt op zich geen probleem. Maar er wordt onmiddellijk aan toegevoegd: “Dit houdt in dat ondoordringbaar, niet-absorberend, afwasbaar en niet-toxisch materiaal moet worden gebruikt, tenzij de exploitanten van levensmiddelenbedrijven ten genoegen van de bevoegde autoriteit kunnen aantonen dat andere gebruikte materialen voldoen”.

Hier wringt het schoentje. Hout – zeker in onze lambikbrouwerijen nog in grote mate aanwezig – is nu eenmaal geen “ondoordringbaar en niet-absorberend” materiaal en hoe toon je aan dat het wél voldoet? Strenge inspecteurs hebben er dan ook al de nodige opmerkingen over gemaakt en waarschuwingen gegeven. Vandaar de alarmerende berichten van de laatste tijd. Het is trouwens maar één van de problemen, want ook voor de muren bijvoorbeeld voorzien de voorschriften “dat een glad oppervlak tot op een aan de werkzaamheden aangepaste hoogte is vereist”. En voor alle oppervlakken (met inbegrip van oppervlakken van apparatuur) die in aanraking komen met levensmiddelen, wordt gesteld: “Dit houdt in dat roestvrij, glad, afwasbaar en niet-toxisch materiaal moet worden gebruikt”. Zien jullie het probleem voor de houten vaten?

Uitzonderingsmaatregelen

Het is duidelijk dat onze lambikbrouwers aan die strikte eisen en voorschriften niet kunnen voldoen zonder de authentieke productiemethodes op de helling te zetten. Zij dienen dus uitzonderingsmaatregelen te vragen, zoals wijnboeren en kaasmakers – die in een vergelijkbare situatie zitten – reeds hebben gedaan. Gelukkig voorziet de Europese verordening hiervoor ruimte. De procedure hiervoor vinden we in de algemene en specifieke hygiënevoorschriften van de verordening. Art. 4, 4°, zegt hierover:
“Op voorwaarde dat de doelstellingen inzake levensmiddelenhygiëne niet in het gedrang worden gebracht, mag een lidstaat in samenwerking met de Commissie en overeenkomstig de in lid 5 bedoelde procedure de in bijlagen I en II vastgestelde voorschriften aanpassen in verband met:
a) …
b) om rekening te houden met de traditionele productiemethoden of het gebruik van grondstoffen, die op grond van wetenschappelijke inzichten, beproefde ervaring of traditie kenmerkend zijn voor het productieproces”.

Art. 4, 5°, geeft zelfs duidelijk aan wat moet gedaan worden:
“Lidstaten die van de in lid 4 bedoelde mogelijkheid gebruik maken, stellen de Commissie en de andere lidstaten daarvan in kennis en verstrekken hen een lijst van producten, alsook van de betrokken regio’s en van de wijzigingen die zijn aangebracht om de hygiënevoorschriften aan te passen. Vervolgens hebben de lidstaten één maand de tijd om hun opmerkingen schriftelijk aan de Commissie mee te delen. In voorkomend geval wordt een besluit genomen volgens de in art. 13, lid 2, bedoelde procedure”.

Waarop wachten onze politici om hiervan werk te maken?

Casimir Elsen (december 2003)

Naschrift: Ergens beginnen onze acties blijkbaar toch door te dringen. Minder dan een uur voor we met deze Zytholoog naar de lay-outer vertrokken, kregen we op de maatschappelijke zetel van Zythos bezoek van een inspecteur van het Federaal Agentschap voor de Voedselveiligheid. Zijn opdracht: controleren of er daar een lambikbrouwerij was en wat de problemen waren… De klok heeft men blijkbaar al horen luiden. Nu nog begrijpen waar de klepel hangt, dan kunnen er spijkers met koppen geslagen worden…

Meer in verband met de acties ivm geuze en houten vaten.

Uit "De Zytholoog" nr. 4, verschenen januari 2004.

<< terug naar het archiefoverzicht


Meer Bierplezier

 

Lid worden van Zythos? Je kan lid worden van de confederatie via een lokale vereniging bij jou in de buurt.
Lidmaatschap

ZBF - Kom eens kijken op het grootste bierfestival van België!
Zythos Bier Festival

Bezoek ons virtueel 
          biercafé, een plaats waar je gezellig kan keuvelen over bier 
          en andere onderwerpen.
Zythos Forum


Zythos steunt :

Bierebel.com

 

Home Contact

© Zythos VZW All Rights Reserved

Home Over Zythos De Zytholoog Agenda Acties Dossiers Het biercafe